Ergens eind zomer vorig jaar hakte ik de knoop door: ik schreef me in voor de KAT100. Op dat moment had ik eigenlijk geen idee waar ik me precies voor had aangemeld. Natuurlijk, 50 kilometer had ik al eens eerder gelopen, en met 12 uur de tijd zou dat wel lukken. Maar de hoogtemeters… die waren compleet nieuw voor mij.
Twijfels bij aankomst
Ik had mijn voorbereiding zo goed mogelijk gedaan: meer kilometers gemaakt, hoogtemeters geoefend en mentaal geprobeerd te wennen aan het idee. Toch sloegen de twijfels toe toen we eenmaal in Oostenrijk aankwamen. De bergtoppen zagen er angstaanjagend uit en ik wist dat ik er twee moest beklimmen. Had ik me vergist? Was dit een stap te ver?
Toch besloot ik het los te laten. We zien wel wat de dag ons brengt.
De eerste klim van de KAT100 richting de Wildseeloder
Eerder die week had ik al de Wildseeloder (2104m) beklommen. Dat gaf vertrouwen, maar ook reality check: het parcours was veel technischer dan ik gewend was. Bij de afdalingen sprong je van steen naar steen en tempo maken was onmogelijk. Maar goed, ik was hier niet voor niets naartoe gereisd. Dus stond ik met spanning in mijn lijf om 7 uur ochtends aan de start.
De eerste klim richting de Wildseeloder (2104m) verraste me positief. In 2,5 uur bereikte ik de top en ik voelde me sterk. Maar de afdaling was andere koek: steil, technisch en zwaar voor de benen. Ondertussen liep de temperatuur op richting de 30 graden. Gelukkig stonden Gabriëlla en de kinderen halverwege klaar voor support, dat gaf kracht. Al lieten ze mij wel weten dat ik 4 minuten achter het schema liep en niet op tijd binnen zou komen.
De tweede klim: was heel diep gaan
Toen begon het echte werk. De tweede klim was lang, heet en oneindig. Na elke bocht bleek er nóg een klim te wachten. Mijn benen verzuurden en ik had amper kracht om door te stappen. De moed zakte me in de schoenen toen de tijdsverwachting aangaf dat we de cut-off misschien niet gingen halen.
Gelukkig liep ik samen met Theo, die ik pas een dag eerder had ontmoet. In de eerste klim maakten we nog grappen, maar nu was het stil. Hij hielp me door te blijven gaan en in zijn spoor vond ik de kracht om stap voor stap omhoog te blijven klimmen.








De ommekeer
Na uren ploeteren bereikten we eindelijk de top. En met de afdaling kwam ook de energie terug. We wisten dat we tijd moesten goedmaken, en stukje bij beetje wonnen we vertrouwen terug. Bij de laatste vijf kilometer wist ik zeker dat we het gingen halen. Het geluid van de finish in het dorp gaf het laatste beetje hoop.
En daar was het moment. Theo en ik kwamen in 11 uur en 48 minuten over de finish. Moe, kapot, maar ook ontzettend trots.
De KAT100 by UTMB is meer dan een race
De KAT100 was niet alleen een fysieke uitputtingsslag, maar vooral een mentale overwinning. Ik heb mijn angsten overwonnen: voor hoogtes, voor het onbekende en voor de twijfel of ik dit wel kon.
Dit avontuur bracht me meer dan alleen een medaille. Het was een les in doorzetten, vertrouwen en niet te snel opgeven. En ik weet zeker: dit is niet het einde, maar juist het begin van nog veel meer mooie avonturen.

